Buurten voor kinderen


Henk de Vos schijft op ‘Sociaalweb’ over burgerinitiatieven op buurtniveau, die goed zijn voor de sociale en morele ontwikkeling van kinderen.

Over het hele land verspreid zijn er initiatieven op het gebied van zorg en buurtverbetering door de burgers zelf. In de vorm van burgercoöperaties of ondernemersbedrijven. Dat is een opmerkelijke ontwikkeling. Kennelijk zijn wij met zijn allen toch niet een samenleving die de trend van individualisering en toenemend sociaal isolement van gezinnen gelaten accepteert. En zijn we op het lokale niveau van buurt en dorp vaak in staat om niet alleen problemen en mogelijkheden te signaleren, maar ook om contact met elkaar te maken en om samen initiatieven te nemen. Je wordt er een beetje optimistisch van

Henk de VosVia diverse links in dit blog op ‘Sociaalweb’, kom je terecht bij andere artikelen van Henk de Vos. Eén daarvan sluit goed aan bij mijn pleidooi voor een rijke sociale omgeving (KennisnetJeugd). In een uitgebreid artikel gaat Henk de Vos op het belang van buurten voor kinderen.

En een kindvriendelijke buurt is een buurt waar gelegenheid is om elkaar te ontmoeten, waar mensen elkaar (dus) kennen, waar kinderen weten dat ze gekend worden, waar mensen op elkaar betrokken zijn, waar ze wel eens iets samen en voor elkaar doen en waar kinderen daardoor als vanzelf leren dat andere mensen zijn te vertrouwen en als vanzelf leren hoe je met elkaar om hoort te gaan. Anders gezegd, een kindvriendelijke buurt is eerst en vooral een sociale buurt.

Henk Vos is ongelukkig met die uitdrukking pedagogische civil society. Dat ligt er aan dat hij twee verkeerde associaties oproept: die met de “burgermaatschappij” en die met “opvoeding”.

Bij die sociale omgeving die kinderen nodig hebben gaat het over alle persoonlijke en vertrouwde relaties waar een gezin onderdeel van is en die voor een kind de dagelijkse sociale leefwereld vormen of zouden moeten vormen. Het gaat om concrete personen, met naam en toenaam, die een gezamenlijke geschiedenis hebben, tante Annie, buurman Kees, vriend Nico, mevrouw Van Dijk die om de hoek woont. Die vormen het sociale verband waar opgroeiende kinderen hun observaties doen en waarin ze leren om mee te doen en een “persoon” te worden. Het is de persoonlijke sociale leefwereld, waarin kinderen hun sociale vaardigheden en morele intuïties ontwikkelen.

Kinderen die niet meer thuis en in pleeggezinnen of gezinshuizen wonen, hebben vaak nare dingen meegemaakt en soms weinig vertrouwen in andere mensen. Sociale vaardigheden zijn niet goed ontwikkeld en de morele ontwikkeling hapert bij veel kinderen. Pleegouders en gezinshuisouders voeden niet alleen op, maar organiseren ook een rijke sociale omgeving, waarin familie, vrienden en buren een belangrijke rol hebben. ‘Het gaat om concrete personen, met naam en toenaam, die een gezamenlijke geschiedenis hebben.’ Dat is voor deze kinderen extra van belang.

Meer artikelen van Henk de Vos op zijn site ‘Toegepaste sociale wetenschap’. Een theoretische onderbouwing van lokaal werken (ook gericht op het creëren van een rijke sociale omgeving) is hier te vinden.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s